Forgive – Never forget 5

Ik heb al de Politionele Acties meegemaakt. In 1947 werd ik getroffen door een fosforgranaat, mijn gezicht en handen zaten onder de fosfor. Zij hebben constant mijn gezicht en handen natgehouden zodat het er niet in kon branden, en zo ben ik naar het hospitaal in Bandung gebracht waar ik na zo’n 3 weken weer naar mijn onderdeel kon. Niets kon je er meer van zien. In 1949 tijdens de laatste Politionele Actie hebben zij mij weer te pakken gehad, toen kreeg ik een scherf van een handgranaat in mijn nek, een paar millimeter naast de halsslagader, maar gelukkig werd ik snel naar het hospitaal in Batavia gebracht en na een week of zes was ik weer bij mijn onderdeel in het Bantasme.

Begin december zijn wij naar Batavia gegaan voor de terugkeer naar Holland. Wij zijn met de Tabinta naar Nederland teruggegaan en kwamen eind december 1949 in Rotterdam aan, toen had ik er ruim 3,5 jaar op zitten. Gelukkig heb ik ook deze tijd mogen overleven.

Tijdens de periode voor de razzia had ik alleen nog maar een lagere school doorlopen, want als je uit een gezin van 11 kinderen komt, is er geen geld om verder te studeren, dus moest ik gelijk aan de arbeid, dus verdere diploma’s had ik niet. Ik moest als krullenjongen ergens gaan beginnen en daar had ik weinig trek in. Mede ook op aandringen van Van den Berg heb ik toen gesolliciteerd bij de Koninklijke Marechaussee en bij de Veluwse Autodienst.

Ik dacht toen: “Wat het eerst komt, dat pak ik gelijk aan”, en zowaar kreeg ik het eerst de oproep van de Marechaussee. Ik ben naar de keuring geweest en een paar weken later kreeg ik de uitslag “AFGEKEURD”, dat was een klap in mijn gezicht, afgekeurd omdat ik 1 cm tekort was!

Ik ben toen gelijk naar van den Berg gegaan en die werd me daar kwaad; zonder iets te zeggen en met zijn stofjas nog aan ging hij naar het gemeentehuis, want hij moest en zou de burgemeester spreken, maar deze was in vergadering, maar dat kon hem niets schelen, want hij liep gelijk door naar binnen en zei: ,,Ik wil nu direct de burgemeester spreken”, en hij kreeg het voor elkaar en hij kon zijn verhaal vertellen. Wat er verder is besproken weet ik niet, maar de volgende morgen was ik op weg naar Den Haag, en nog geen week later lag er alsnog een oproep in de bus van goedgekeurd, en toen ben ik op 7 May 1950 bij de Marechaussee terechtgekomen. Drikus van den Berg heeft een hoop voor mij gedaan en daar zal ik hem altijd dankbaar voor blijven.

Ik heb bij de Marechaussee mijn Politiediploma gehaald en in Schoonhoven waar ik na mijn opleiding geplaatst ben, mijn aantekeningen erbij. Na ruim 5 jaar bij de Marechaussee te hebben gezeten ben ik overgestapt naar de Landmacht bij de Technische Dienst. Ook hier heb ik een opleiding van 13 maanden gevolgd en werd toen bevorderd tot sergeant en in 1969 weer een cursus gevolgd voor Sergeant-majoor Materieelbeheerder. Ook hiervoor ben ik in 1970 geslaagd. Maar in de tussen liggende periode van Sergeant naar Sergeant-majoor heb ik ook nog in de avonduren mijn MULO-diploma gehaald, dus ik heb tijdens mijn beroepstijd in militaire dienst heel veel moeten leren en gelukkig steeds met goed gevolg. Eind 1980 ben ik als Adjudant-onderofficier met pensioen gegaan.

Velen zullen zich misschien wel afvragen waarom zo laat dat ik dit boekje schrijf. Ten eerste: Nooit hebben wij er met iemand over kunnen praten, want de doden kwamen op de eerste plaats, wat vanzelfsprekend volkomen juist is, maar de teruggekeerden werden op de achtergrond geschoven, dus voor ons was er geen praatpaal.

Ten tweede: In 1992 ging men met een groep naar het voormalige concentratiekamp Neuengamme. Diverse mensen hebben toen aan mij gevraagd of ik ook niet mee wilde; en na veel aandringen vooral van de heer Heimen Top, want die heeft mij toen zover gekregen dat ik samen met mijn vrouw er mee naar toe ben gegaan. Dit was voor mij de eerste keer dat ik daar, na alles wat ik had meegemaakt, weer kwam en toen heb ik gezegd, “Als jullie nog eens naar het K.Z. Ladelund gaan, dan wil ik ook dat nog eenmaal zien en dan is het voor mij een afgesloten geheel.” Gelukkig zijn wij in 1993 naar Ladelund geweest en de ontvangst door de mensen daar heeft mij zo diep getroffen, dat het slot, dat bij mij zolang van binnen dicht zat, ineens is opengesprongen, so that I could tell what we in the various camps have experienced so again from that point.

After 50 I now finally had the courage to put on paper all year, For me this was the greatest moment, want nu pas voelde ik mijzelf bevrijd.

Ik ben hier heel blij mee, en ik zal hier dan ook dankbaar gebruik van maken en ik zal de mensen vertellen in Putten en in Duitsland, waar ik ook kom vertellen, wat een verschrikkingen wij, Puttenaren, in de diverse concentratiekampen hebben geleden en meegemaakt.

<< | previous | 1 | 2 | 3 | 4 | 5